Statisch bepaald construeren heeft ermee te maken dat de constructie dusdanig is dat beweging in alle richtingen juist worden onderdrukt. Wanneer niet alle bewegingen zijn onderdrukt spreekt men van een statisch onderbepaalde constructie. Wanneer een of meerdere bewegingen meerdere malen zijn onderdrukt, wordt gesproken van een statisch overbepaalde constructie. Statisch onderbepaald en overbepaald worden samen ook wel statisch onbepaald genoemd.
Het nadeel van statisch onderbepaald construeren spreekt voor zich: de constructie is niet in alle richtingen stijf, wat meestal niet gewenst is. Het nadeel van statisch overbepaald construeren is dat er onnodig nauwe toleranties op de onderdelen zitten, wil het geheel in elkaar passen. In de praktijk komt het er vaak op neer dat constructies niet passen.
Onderstaande figuur toont een voorbeeld van een constructie die statisch onderbepaald is.

Sleuf 1 onderdrukt beweging in x en y richting, sleuf 2 onderdrukt de rotatie om de z-as. De lasverbinding onderdrukt beweging in de z-richting en rotatie om de x-as. Rotatie om de y-as is slechts zeer beperkt onderdrukt (ten eerste omdat de verbinding tussen de twee platen daar niet voor geschikt is en ten tweede omdat de rode plaat slap is voor rotatie om de z-as).
Om statische overbepaaldheid te voorkomen moet de lengte van slechts 1 sleuf passend zijn (in onderstaand plaat is dat sleuf 1), terwijl de ander iets groter gemaakt is (sleuf 2 in onderstaand plaatje).
In onderstaand plaatje zijn de bewegingen in alle richtingen juist onderdrukt. Doordat de lasverbindingen niet in één lijn gemaakt zijn, is het systeem ook bestand tegen rotaties om de y-as. Ook de plaat is niet meer rotatieslap in de y-richting vanwege de buiglijn.

Om statische overbepaaldheid te voorkomen, moet ervoor gezorgd worden dat verbindingen 1 en 2 ieder slechts één translatie onderdrukken. Er kan bijvoorbeeld voor gekozen worden om de lengte van sleuf 1 wat te groot te maken, zodat alleen de beweging in de x-richting onderdrukt wordt. Wanneer hetzelfde bij sleuf 2 gedaan wordt, wordt daar alleen de beweging in de y-richting onderdrukt. Verbinding 1 en 2 samen onderdrukken rotatie om de z-as. Na het lassen zijn ook de rotatie om x- en y-as evenals translatie in de z-richting onderdrukt.